Pensioenopbouw en de spaarloonregeling
Bijsparen voor pensioen
Als u wil zorgen voor extra geld tegen de tijd dat u met pensioen gaat, zijn er verschillende mogelijkheden. Zo kunt u bijvoorbeeld bijsparen via uw pensioenfonds, maar u kunt het heft ook zelf in handen nemen. Wij geven u 2 opties waarmee u met een kleine inleg op een veilige manier een hoog rendement kunt bereiken.
1) Spaarloonregeling en (gewoon) sparen
Als u de spaarloonregeling gebruikt in combinatie met een gewone spaarrekening kunt u voor € 30,- per maand in 25 jaar zorgen voor een verdrievoudiging van uw inleg. Hoe werkt dat?
Bij een spaarloonregeling spaart u maximaal € 613,- per jaar. Omdat de belastingdienst meebetaalt aan de spaarloonregeling - u spaart namelijk uit je brutosalaris en betaalt over dat geld geen belasting - legt u netto € 613 -/- 42% belastingvoordeel in. Dat is een bedrag van € 356,- per jaar, bijna € 30,- per maand.
Als na vier jaar het geld uit de spaarloonregeling vrijvalt, moet u vervolgens de discipline hebben om dat op een gewone spaarrekening te zetten. Als je dat 25 jaar volhoudt en uitgaande van een rente van 4%, heb je na 25 jaar een vermogen van € 26.550,- bijeen gespaard. En je hebt daarvoor € 8.889,- ingelegd, namelijk 25 jaar x € 356,-.
2) Spaarloonregeling en een (bancaire) lijfrente (banksparen)
U kunt nog een stapje verder gaan en het geld van de spaarloonregeling meteen in een bancaire lijfrente (banksparen) storten. Volgens de regels van het spaarloon kan dat. Het bedrag van € 1.057,- kunt u van de belasting aftrekken als u geen optimale pensioenregeling hebt. Door het belastingvoordeel van 42% betaalt u € 613,-. Omdat de belastingdienst - zie het eerste voorbeeld - ook meebetaalt aan het spaarloon, heeft u een dubbel belastingvoordeel.
Het resultaat is dat je na 25 jaar ruim € 45.000,- bruto aan extra pensioenkapitaal hebt. Met de aanschaf van die (bancaire) lijfrente bereikt u dus een vervijfvoudiging van de inleg in 25 jaar. Wel gelden een aantal beperkende voorwaarden. Zo is het geld niet vrij beschikbaar; u moet er uiterlijk op je 70e jaar een lijfrente mee kopen of een vergelijkbaar bankspaarproduct. Het geld wordt dan in gedeeltes aan u uitgekeerd. Als u dan bijvoorbeeld kiest voor een levenslange lijfrenteuitkering krijgt u dan ca. € 3.300,- bruto per jaar uitgekeerd. Omdat u over die uitkering wel belasting bent verschuldigd, ontvangt u in dat geval een maandelijkse uitkering van ca. € 200,- per maand netto (terwijl u ooit € 30,- per maand heeft ingelegd).
Ook kunt u in principe tijdens de looptijd van het bijsparen voor je pensioen niet aan het geld komen. Bovendien is een voorwaarde voor de aanschaf van een fiscaal aftrekbare lijfrente dat u een pensioentekort heeft. U kunt dat berekenen via de website van de belastingdienst en het gaat dan om de zogenaamde jaarruimte.
Wanneer moet u beginnen?
In de berekeningen is uitgegaan van een persoon die rond zijn 40e jaar begint met sparen. En hoe eerder, des te hoger de opbrengst. Maar ook als u rond de 50 jaar bent, heeft het zeker zin om te starten. In bijgaand overzicht hebben wij voor verschillende looptijden berekend wat de opbrengst is bij gebruik van het spaarloon voor gewoon sparen (zie overzicht 1) en banksparen (lees lijfrenteverzekering).
Indien u meer informatie wenst, verzoeken wij u op onderstaande button te klikken.